Peugeot bouwde ongeveer veertig keer zoveel 205 GTI's als Ferrari 328's. Afhankelijk van de bron waren het 294.514 of 332.942 Peugeots, tegen 7.412 Ferrari's. Op 3 november 2026 telde het Nederlandse kentekenregister 182 auto's met 205 GTI in de naam en een geldige APK. Bij de 328 waren het er 85. Van veertig op één naar ruim twee op één.
Die telling is grof. Van de 121 Ferrari's in het register kregen er volgens de datums maar 24 binnen ongeveer een jaar een Nederlands kenteken, dus veel zijn later geïmporteerd. En 312 van de 613 geregistreerde Peugeots hebben een APK die meer dan tien jaar geleden verliep. Wat er met die auto's is gebeurd, staat er niet bij.
De Britse cijfers wijzen dezelfde kant op. Eind 1994 hadden daar 49.981 Peugeot 205 GTI's een geldige wegenbelasting. Medio 2026 nog 1.161, plus 5.477 met een SORN, de Britse melding dat een auto stilstaat. Samen 6.638, oftewel 13 procent van de stand in 1994. Ook dat is ruim geteld, want zo'n melding kan bij een rijdende auto in een schuur horen of bij een stapel onderdelen.

Een 205 GTI in de Rallye de l'Ardèche van 2024, ver van wat Peugeot afleverde.
Twee manieren om schaars te worden
De eerste is schaarste per besluit. Een fabrikant bouwt er 500 en zegt dat erbij. Het aantal is bekend op de dag van de aankondiging, dus elke koper kan het in zijn bod meenemen. De meerprijs wordt vooraf betaald.
De tweede is schaarste door gebruik. Dan staat het aantal pas decennia later vast, als uitkomst van tienduizenden beslissingen van eigenaren die niet aan de waarde van hun auto over dertig jaar dachten. De 205 GTI is daar het schoolvoorbeeld van. Hij was goedkoop genoeg om elke dag te rijden en leuk genoeg om het ook echt te doen. Hij werd gestolen: de Britse verzekeraar Lancaster schrijft dat hij in de tijd van boy racers en joyriders zo'n geliefd doelwit was dat de premies de pan uit rezen. Een telling van hoeveel er zijn verongelukt, hebben we niet gevonden. Bij een auto die weinig meer waard is, is een stevige aanrijding al snel total loss. Dan is hij weg zonder dat iemand daarover heeft nagedacht.
Wie betaalde en wie verkocht
Economen noemen dit een positief extern effect: iemand doet iets voor zichzelf en een ander heeft er voordeel van zonder ervoor te betalen. Elke 205 GTI die verdween, maakte de overgebleven auto's iets schaarser. De eigenaar die hem tegen een boom reed, kreeg daar niets voor. Het lijkt op een bedrijf dat eigen aandelen inkoopt, met dit verschil dat de aandeelhouder die zijn stuk inlevert er ook nog bij betaalt.
De opbrengst valt ergens anders. Op 25 april 2022 verkocht Aguttes in Frankrijk een 205 GTI 1.9 uit 1987 met 6.928 km voor €82.960, volgens Hagerty bijna £30.000 boven het vorige record. De eerste eigenaar had hem 22 jaar gehouden. Een familielid erfde hem en reed er niet in. In 2019 had Aguttes dezelfde auto al eens verkocht, voor net geen £40.000, en in de drie jaar daarna kwam er 209 km bij. Geen van die eigenaren heeft de schaarste gemaakt. Ze hebben alleen niet meegedaan aan wat de anderen deden.
Dat bedrag zegt weinig over een gewone 205 GTI. Hagerty sprak van een Franse bubbel en zette de beste Britse 1.9 in zijn prijsgids op £27.300. Lancaster schatte in november 2021 een nette GTI op £5.000 tot £8.000, en een goede met weinig kilometers op £12.000 tot £15.000. De meeste overlevers zijn gebruikt, en dat zie je aan de prijs.

Een Ferrari 328 GTS. Tegenover elke 328 bouwde Peugeot ongeveer veertig 205 GTI's.
Schaarste alleen verklaart het niet
Het bezwaar ligt voor de hand: de gewone 205 verdween nog veel sneller. In dezelfde Britse tabel staat de 205 XS, met 17.188 auto's op de weg eind 1994 en 375 medio 2026, waarvan 66 belast. Dat is 2 procent, tegen 13 procent voor de GTI. De XS is schaarser, en toch gaat het veilingnieuws over de GTI. Lancaster noemde de overleving van de GTI in 2021 zelfs hoog, en voor een goedkope auto uit de jaren tachtig klopt dat.
Er moet dus iets bij. Chris Hughes van de Peugeot Sport Club UK gaf Hagerty in 2022 de verklaring: mensen die er in de jaren tachtig en negentig een wilden, kunnen hem nu betalen. Dat zijn er veel, omdat er zoveel rondreden. Het grote aantal en het kleine aantal horen dus bij elkaar. Zo'n 300.000 auto's maakten de kopersgroep, en hetzelfde gebruik dat ze gewild maakte, haalde ze van de weg.
Ook dan is de telling niet wat de koper zoekt. Hij zoekt een 205 GTI die niet is verlaagd, overgespoten of van een andere motor voorzien. Hoeveel daarvan bestaan, staat in geen enkel register. De RDW telt kentekens en de DVLA telt belastingmeldingen. De werkelijke schaarste zit in een aantal dat niemand kent, en dat kan ook verklaren waarom de prijzen zo ver uiteenlopen.
Waarom dit niet na te doen is
Hier zit de omkering ten opzichte van de investeringsauto. Wie een 328 koopt en goed bewaart, doet wat de andere eigenaren ook doen. Die auto's blijven bestaan. Had elke 205-koper in 1988 zijn auto zo behandeld, dan stonden er nu zo'n 300.000 goed bewaarde GTI's en was er geen record geweest.
De bewaarder verdient dus alleen omdat de anderen niet bewaarden, en hij weet vooraf niet of ze dat doen. Wie nu een kleine sportieve hatchback koopt om hem in een schuur te zetten, wedt op het gedrag van de andere kopers. Hoe meer er hetzelfde denken, hoe slechter die weddenschap wordt. Dat is een mening en geen koopadvies. Bij een youngtimer die al dertig jaar oud is, kun je tenminste tellen wat er nog is.
Eén rij in het RDW-bestand past niet in dit verhaal over bewaren en verdwijnen. Een 205 GTI, eerste toelating januari 1994, zes cilinders, 2.946 cc. Die inhoud hoort bij de V6 van de Peugeot 406 Coupé, al zegt het register niet wat er precies in zit. Hij weegt leeg 1.000 kilo, is verzekerd en heeft APK tot januari 2028.
Beeld: 1986 Peugeot 205 GTI rear door TTTNIS (CC0); Peugeot 205 GTI - ES5 Rallye de l'Ardèche 2024 door Kakoula10 (CC BY-SA 4.0); Ferrari 328 GTS IMG 0200 door Alexander-93 (CC BY-SA 4.0). Afbeeldingen zijn verkleind.
