De achterkant van de Talbot-Lago was ingedeukt. De auto, een T26 Grand Sport uit 1949 met een carrosserie van Saoutchik, had minstens dertig jaar onder een afdak gestaan en had volgens het veilingverslag serieus restauratiewerk nodig. Artcurial schatte hem op €400.000 tot €600.000. Op 6 februari 2015 bracht hij in Parijs €1.702.000 op.
Hij kwam uit de verzameling van Roger Baillon: 59 auto's, allemaal verkocht, samen €25,15 miljoen, vaak voor het dubbele van de schatting. De bekendste was een Ferrari 250 GT SWB California Spider, chassis 2935 GT, ooit van Alain Delon. Van de 56 gebouwde exemplaren was dit waarschijnlijk de meest originele en ook degene die de meeste aandacht nodig had om weer te gaan rijden. Schatting €9,5 tot €12 miljoen, opbrengst €16.288.000, een modelrecord.

Een andere T26 Grand Sport van Saoutchik, uit 1948, in het Louwman Museum.
Wie daarin ziet dat roest nu eenmaal geld waard is, kijkt naar een opvatting die jonger is dan de auto's waar het over gaat.
Hoe lang het duurde
De Concours d'Elegance van Pebble Beach werd voor het eerst gehouden op 5 november 1950. In 1999 ging er voor het eerst een prijs naar een auto omdat die goed bewaard was gebleven. In 2001 kwam er een klasse voor vooroorlogse auto's die nooit gerestaureerd waren, in 2007 een voor naoorlogse. In 2024 won zo'n auto voor het eerst Best of Show, een Bugatti Type 59 Sports uit 1934. In 74 jaar is dat dus één keer gebeurd.

Een Bugatti Type 59 Sports uit 1934 op de concours van Hampton Court in 2023, met zichtbaar versleten lak.
De federatie van historische voertuigclubs FIVA volgde. Op 27 oktober 2012 nam zij het Handvest van Turijn aan, dat in januari 2013 ingang vond. Veranderingen uit het gewone leven van een auto zijn volgens die tekst getuigenissen van zijn geschiedenis, en een auto hoeft niet terug naar het uiterlijk van zijn fabrieksdatum. Gerestaureerde delen moeten bij nadere inspectie herkenbaar blijven. Dat laatste is het omgekeerde van wat een concoursrestauratie probeert. Het handvest is vrijwillig en bindt niemand. Het gaf de opvatting wel een tekst.
De ruzie die gebouwen al hadden
Die tekst komt niet uit de autowereld. FIVA schrijft zelf dat het handvest gebaseerd is op het Handvest van Venetië uit 1964, over monumenten. En dat sluit weer aan op een ruzie uit de negentiende eeuw.
De Franse architect Eugène Viollet-le-Duc restaureerde kerken en kastelen, en vanaf 1857 Pierrefonds voor Napoleon III. In zijn Dictionnaire raisonné schreef hij wat restaureren is: een gebouw herstellen in een complete staat die misschien op geen enkel moment heeft bestaan. John Ruskin had in 1849 in The Seven Lamps of Architecture al het tegendeel opgeschreven. Over restauratie zei hij: "The thing is a Lie from beginning to end."

Het kasteel van Pierrefonds, zoals Viollet-le-Duc het voor Napoleon III opnieuw opbouwde.
Een auto die beter dan nieuw is, is Viollet-le-Duc: lak, naden en chroom in een staat die de fabriek in 1961 nooit afleverde. Ruskin is de California die de meeste aandacht nodig heeft. De autowereld voerde dezelfde discussie, alleen anderhalve eeuw later.
Waarom zo laat? Dit is onze verklaring, geen meting. Zolang een auto gewoon oud is, is slijtage achterstallig onderhoud. Een Ferrari uit 1961 was in 1975 een oude sportwagen met versleten leer. Er moesten eerst twee dingen veranderen. Elke restauratie haalt een auto uit de voorraad onaangeroerde exemplaren, en die komt daar niet meer terug. Na genoeg restauraties werd de onaangeroerde auto de zeldzame variant. En perfecte lak moest te koop zijn. Zodra iedereen met genoeg geld een auto foutloos kan laten maken, zegt foutloos minder. Vijftig jaar oude lak is niet te bestellen.
Wat Baillon wel en niet bewijst
De veiling van 2015 lijkt het bewijs dat de smaak gewonnen had. Dat gaat te snel, want er lopen drie dingen door elkaar. Originaliteit als bewijsstuk: aan een auto die nooit gerestaureerd is, heeft niemand iets weggewerkt. Slijtage als smaak: iemand vindt versleten leer mooier dan nieuw leer. En de auto als project: iemand betaalt voor het uitgangspunt en laat hem daarna restaureren. Voor een ingedeukte achterkant betaalt niemand €1,7 miljoen omdat hij die mooi vindt. Wat er na 2015 met 2935 GT is gebeurd, hebben we niet kunnen vinden. Of de koper de lak heeft laten zitten, weten we dus niet. Delon en de schuur zaten ook in de prijs, en Artcurial liet de zaal op donker gaan toen de auto verscheen.
De latere prijzen maken het nog minder eenduidig. Volgens een overzicht van veilinguitslagen bracht een andere SWB in maart 2016 $17.160.000 op, een in maart 2023 $18.045.000 en een in februari 2026 $17.176.000. De Baillon-auto had in 2015 $18.649.760 gekost. Het record viel in augustus 2025, met $25.305.000 voor chassis 2383 GT, en die auto was door Dino Cognolato gerestaureerd. Het is ook een Competizione met aluminium carrosserie, dus zeldzamer dan de rest. Het zijn nominale bedragen en andere auto's. Ze laten wel zien dat de duurste California geen onaangeroerde is.
Wat we zouden volgen
Een opvatting die in een kwart eeuw is ontstaan, kan ook weer schuiven. Twee dingen zouden we volgen.
Het eerste is de voorraad. Het Handvest van Turijn wil dat auto's rijden, ook op de openbare weg. Rijden verbruikt wat een onaangeroerde auto bijzonder maakt: rubber, bekleding, slangen. Elk bewaard exemplaar komt ooit voor de keuze tussen stilzetten en vervangen.
Het tweede is het materiaal. Patina is tot nu toe vooral te zien op oude lak, leer en chroom. Veel auto's uit de jaren tachtig en negentig hebben blanke lak die in vellen kan loslaten, en kunststof dat kromtrekt en plakt. Die auto's worden de volgende kandidaten voor de preservation klassen. De eerste keer dat een jury een auto met afbladderende blanke lak bekroont omdat hij nooit is overgespoten, weten we of patina een principe was of een voorkeur voor oude lak.
Beeld: Needs Restoration - Facel Vega Facellia (5072443344) door JOHN LLOYD from Concrete, Washington, United States (CC BY 2.0); 1948 Talbot Lago T26 Grand Sport Coupe Saoutchik p6 door Alf van Beem (publiek domein); 1934 Bugatti Type 59 Sports door MrWalkr (CC BY-SA 4.0); Château de Pierrefonds exterior Oise door Jebulon (CC0). Afbeeldingen zijn verkleind.
